Studievragen

Door: Agnes Klijnstra

Inleidende vragen

1. Hoe ga jij om met de opwelling van emoties na een onheus of onvriendelijk bericht via sociale media of WhatsApp, etc.?

2. Roddelen is een “no go”-area als we de Jakobusbrief nauwkeurig lezen. Toch kan dit als christen ook lastig zijn. Hoe probeer jij te bepalen of wat je zegt ook echt gezegd kan worden?

3. Herken jij iets van cyber-pestgedrag? Wat zou je daar in je eigen leven onder verstaan? Wanneer zou je je getreiterd voelen op internet?

Verdiepende vragen

1. Roddel en laster springen er niet echt positief uit bij God. Jakobus vergelijkt dit met het stichten van een bosbrand, zie Jakobus 3:5-6. Spreuken vertelt ons ook veel over krenkende woorden spreken en roddelen. Lees ook Spreuken 11:12-13, Spr. 13:3, Spr. 15:1, Spr 16:28, Spr. 18:8. Waarom zou God zo’n hekel aan roddel hebben? Wat zijn de gevolgen van roddel?

2. In het boek Like ME kun je lezen dat er 3 remedies tegen pesten en roddelen zijn: vriendelijke woorden gebruiken, je emoties onder controle leren houden en je communicatie zuiver leren houden. Spreuken is een van de bijbelboeken die de wijsheid van God heel praktisch toepasbaar maakt in ons leven.

a) Wat valt er te winnen met vriendelijke woorden? Wat is de uitwerking daarvan? Lees zie Spr. 12:14, Spr. 13:2, Spr. 15:1, Spr. 16:24, Spr.18:20.

b) Wat leert de bijbel je over het in toom leren houden van je emoties. Lees Spr. 16:32, Spr. 12:16, Spr. 13:3, Spr. 18:21, Spr. 17:14, Spr. 19:8.

c) Zuivere communicatie gaat over of wat je zegt waar en waarachtig is. Spreek je waarheid op een manier die verstandig en wijs is?  Wat zou je kunnen leren van Spr. 25:11, Spr. 10:21, Spr. 13:14, Spr. 15:7 + 23, Spr. 16:21.

3. Niet alle boosheid is verkeerd, de boosheid die iets in beweging zet, kan ook heel functioneel zijn. Waar kon Jezus boos over worden en wat zat er onder Zijn boosheid? Wat is de uitwerking ervan als Jezus Zijn boosheid uit?

Verwerkingsvragen

1. Ervaar jij weleens “heilige verontwaardiging” over iets? Waar zou je deze ten positieve voor aan kunnen wenden?

2. Hoe zou je je kunnen oefenen in het spreken van vriendelijke woorden? Waar specifiek zou je beter in willen worden?

3. Tegen welke spiegel zou jij je manier van communiceren willen houden? Aan welke maatstaven zouden jouw woorden moeten voldoen?